Artikel 4: De organen van de partij

Artikel 4: De organen van de partij2019-03-16T12:42:44-03:00

Overzicht van de organisatiestructuur

4.1 De partij bestaat uit de volgende organen, te weten:

  1. de Algemene Leden Vergadering (ALV);
  2. het Hoofdbestuur;
  3. de Raad van Toezicht (RVT);
  4. de Afdelingen;
  5. de Onderafdelingen;
  6. de Kernen.

De partij bestaat uit diverse commissies, doch is niet beperkt tot:

  1. de commissie van beroep;
  2. de kascontrole commissie;
  3. de verkiezingscommissie;
  4. de commissie van Volks Vertegenwoordigende Lichamen (CVLL)

Indien het bestuur en/of de RVT het noodzakelijk acht andere commissies in het leven te roepen, is zij daartoe bevoegd, doch met in achtneming van de regelingen van de Statuten, het HR en de wet in zijn totaliteit, waarbij de algemene bepalingen van bovengenoemde commissies naar analogie van toepassing zijn op deze eventueel op in het leven te roepen commissies.

4.2 Bestuursleden kunnen maximaal 3 termijnen achtereenvolgens zitting nemen in het bestuur van 1 orgaan. Voor de voorzitter en ondervoorzitter geldt een termijn van maximaal 2 termijnen. Indien het lid na het vestrijken van een zittingstermijn(en), verkozen wordt in een hoger gerangschikt bestuursorgaan, begint de telling van de zittingstermijn opnieuw. Deze bepaling geldt niet voor bestuursleden die van een hoger naar een lager gerangschikt bestuursorgaan wensen te treden en zijn ze na genoemde termijnen niet meer verkiesbaar. De bestuursleden van de organen kunnen ten hoogste 2 termijnen in 1 functie bekleden.