Artikel 7: Het Hoofdbestuur

Artikel 7: Het Hoofdbestuur2019-03-17T00:00:12-03:00

Taken en samenstelling

7.1 Het Hoofdbestuur heeft primair tot taak het geven van leiding aan de partij en het daarheen te geleiden dat tezamen met alle organen, de doelstellingen van de partij, alsmede het partijprogramma wordt gerealiseerd. Voorts dient het Hoofdbestuur het uitgestippeld beleid door de RVT uit te voeren,

7.2 Het Hoofdbestuur wordt door de ALV gekozen voor een periode van 5 jaren en bestaat uit minimaal 7 en maximaal 15 personen. In functie worden benoemd: een voorzitter, ondervoorzitter, eerste secretaris, tweede secretaris, eerste penningmeester, een tweede penningmeester en leden. De voorzitter en ondervoorzitter worden elk afzonderlijk gekozen, terwijl de overige bestuursfuncties, waaronder penningmeester, secretaris en leden onderling worden verdeeld. Het dagelijks bestuur wordt gevormd door de voorzitter, ondervoorzitter, penningmeester en secretaris. Na het verstrijken van de zittingstermijn van 5 jaren, is het ALV-bestuur verplicht bestuursverkiezingen uit te schrijven. Indien het aantal bestuursleden minder dan 5 is, blijft het Hoofdbestuur bevoegd, doch dient zij een interim bestuur aan te stellen die bevoegd is om te functioneren tot de goedkeuring van de eerst volgende ALV tevens dient het ALVbestuur bestuursverkiezingen te organiseren. Na ontvangst van dit verzoek, is het ALVbestuur verplicht om binnen 2 maanden de ALV bijeen te roepen. Totdat deze ALV is belegd, is het Hoofdbestuur bevoegd om interim leden aan te wijzen welke mogen functioneren in de opengevallen vacatures.

7.3 Het Hoofdbestuur is verplicht het jaarlijks vastgesteld beleid van de RVT, na goedkeuring van de ALV, op te volgen en uit te voeren. Het beleid dat door de RVT wordt uitgestippeld na de laatst gehouden ALV en voor wat de uitvoering betreft, niet afgewacht kan worden totdat de eerstvolgende ALV wordt belegd, is het Hoofdbestuur tevens gehouden zulks ten uitvoer te brengen. Indien het Hoofdbestuur zich niet kan verenigen met het door de RVT uitgestippeld beleid (dat niet door de ALV was goedgekeurd), dient zij haar bezwaren voor te leggen aan de ALV, waarna dit orgaan zal beslissen of het beleid zoals voorgesteld door de RVT dient te worden uitgevoerd door het Hoofdbestuur. Het Hoofdbestuur is in dit kader bevoegd schriftelijk van het ALV-bestuur te eisen dat zij zo spoedig als mogelijk een ALV-bestuur belegt. Na ontvangst van het verzoek, is het ALV-bestuur verplicht om binnen 3 maanden de ALV bijeen te roepen.

7.4 Het Hoofdbestuur vergadert zo dikwijls de voorzitter dat nodig acht, doch minimaal eenmaal per maand.

Bevoegdheden

7.5 Het Hoofdbestuur is bevoegd commissies te benoemen die onder haar verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van haar taken delegeert.

7.6 Het Hoofdbestuur is alleen met de toestemming van de RVT bevoegd, te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de partij zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt. Dergelijke overeenkomsten aangegaan, zonder de toestemming van de RVT, zijn vernietigbaar. Voor het aangaan van geldleenovereenkomsten, alsmede het instellen van rechterlijke vorderingen is eveneens de toestemming van de RVT vereist.

7.7 Het boekjaar valt samen met het kalenderjaar. Het Hoofdbestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de partij een deugdelijke financiële administratie erop na te houden. Het Hoofdbestuur brengt op de ALV haar jaarverslag uit over het financieel beleid van het afgelopen boekjaar, alsmede de financiële stand van zaken. Hierdoor legt het Hoofdbestuur rekening en verantwoording af, middels onder meer overlegging van een balans en een staat van baten en lasten. Deze documenten worden ondertekend door de bestuurders; ontbreekt de ondertekening van één van hen, dan wordt daarvan onder opgave van de redenen melding gemaakt.

Beëindiging bestuurslidmaatschap

7.8 Het bestuurslidmaatschap eindigt door:

  • het eindigen van het lidmaatschap van de partij;
  • opzegging door het bestuurslid;
  • ontslag;
    De ALV is bevoegd een bestuurslid te ontslaan, indien hij/zij in strijd handelt met de statuten, het HR, de integriteitscode en/of de wet en zich schuldig maakt aan wanbeleid, dan wel gedragingen tentoonstelt en handelingen verricht die de partij benadeelt en schade berokkent. Het bestuurslid kan pas ontslagen worden, nadat zij deugdelijk in de gelegenheid is gesteld zich te verweren. De ontslagprocedure dient voorts te geschieden op basis van de formaliteiten zoals opgenomen in het HR.
  • door het verlies van het vrije beheer over haar/zijn vermogen.

7.9 Zowel de ALV, als de RVT zijn elk afzonderlijk bevoegd bestuursleden te schorsen. Een schorsingsgrond is aanwezig, indien er sprake is van feiten en omstandigheden zoals omschreven in artikel 3.7 van de statuten.